Kennis van zaken bij en kennisdeling door de overheid

Kennis bij de overheid

Voor het gemeenschappelijk belang mag de overheid best ingrijpen en (grote) investeringen doen. Wanneer bedrijven/instellingen dit overnemen nadat de overheid het opgezet heeft, en het algemeen belang niet geschaad wordt, kan de overheid mogelijk een stap terug doen. Binnen de overheid moet er inhoudelijke kennis van zaken zijn, en de instrumenten voor het uitvoeren van goed beleid.

De overheid bouwt de kennis dus zelf op (of koppelt/rekruteert mensen uit de praktijk in), en huurt daar geen bureau’s voor in. Als je voor de overheid werkt, sta je op de loonlijst van de overheid. Voor de standaard overheidszaken staan deze mensen al op de loonlijst van de overheid (artsen, universiteitsmedewerkers, leraren, militairen, …), en hebben zo dus geen tweede belang. Hiermee is er geen (schijn) van directe belangenverstrengeling. Het belang van professionals is om hun werk goed te doen in dienst van de overheid, transparant en in het belang van Nederland, en dus zonder tweede agenda.

Kennis zit binnen de overheid, en dus is er ook geen behoefte aan adviesbureaus van buiten de overheid. Het belang van adviesbureaus is om (veel) winst te maken. Aangezien een advies invloed heeft op overheidsbeleid, kan dit veel impact hebben voor bedrijven. Die bedrijven willen dus betalen aan een advies dat voor hen goed (of in elk geval niet slecht) uitvalt. Bedrijven betalen, adviesbureaus incasseren, en de burger betaalt de rekening.

De overheid omvat veel overheidsdiensten zoals onderwijs, politie, leger, gezondheid en rechtspraak. Daar zijn de kundige mensen al beschikbaar en in dienst van de overheid. Die mensen uit de praktijk moeten een directe stem krijgen richting het beleid. Denk b.v. aan sturende werkgroepen bij de ministeries die vooral bestaan uit mensen uit de praktijk. Of denk aan verplichte inspraak bij elke wijziging op het departement dat voor de uitvoering zorgt. Professionals kunnen zo direct hun stem laten horen.

Privatisering van overheidsdiensten

We betalen de rekening van privatisering van overheidsdiensten. Denk aan de NS waar bevroren wissels geen probleem waren. Tot in 1995 NS en ProRail gesplitst werden en bevroren wissels de dienstregeling platleggen omdat de treinmachinist of stationschef ze niet meer mogen schoonmaken of ontdooien. ProRail die voor de infrastructuur zorgt legt nu treinen uit voorzorg stil (want het wissel kan in de verkeerde stand staan), vraagt een onderaannemer te kijken (die extra snel vast staat in de file omdat treinen niet rijden), en zo kun je snel een paar uur verder zijn. Denk ook aan de privatisering van postdiensten, zodat de bekende postbode vervangen is door meerdere postbezorgers per dag. En die worden als ZZPer uitgeknepen. Met dank aan privatisering en marktwerking. Er zijn veel meer voorbeelden waar marktwerking in de publieke sector is gekomen. Denk aan kinderopvangtoeslag die bij investeerders in London of New York komen, te weinig sociale huurwoningen of een inefficient zorgstelsel.

De overheid hoeft niet groot te zijn: niet meer dan nodig, maar een kleine overheid in absolute zin is geen doel op zich. Een overheid die initiatief neemt of voorwaarden schept en zijn verantwoordelijkheid invult is prima. Privatisering is mogelijk mits aan basisvoorwaarden voldaan wordt (ref. “Er zijn nog 17 miljoen wachtenden voor u” van Sander Heijne):

  1. Het ondernemersbelang botst niet met het publieke belang
  2. De afnemer betaalt voor zijn eigen consumptie
  3. Zowel aanbieders als afnemers moeten keuzevrijheid hebben
  4. Wacht met marktwerking tot het internationale speelveld gelijk is.

Kennisdeling door de overheid

De overheid moet actief zorgen voor goede kennisdeling. Daarmee zorgen we dat we snel van elkaar leren, innovaties stimuleren, en uitwassen eerder detecteren. Denk aan het organiseren en hosten van een platform:

  • Delen van informatie tussen (overheids-) instellingen als onderwijs en zorg: leren van elkaar. De overheid zal dus ook b.v. symposia organiseren. Ook kan de overheid ondersteunen bij kennisdeling tussen coöperaties.
  • Terugkoppeling bevorderen:
    • Van burgers (gebruikers van de diensten) – anonieme betrouwbare geverifieerde feedback (feedback platform).
    • Peer-reviews van gelijksoortige instellingen die bij elkaar in de keuken kijken.
    • Overheidscontrole waar nodig, denk b.v. aan de keuringsdienst voor voedsel en waren.
  • Informatiedeling op vrijwillige basis: wat werkt wel/niet/goed/… De overheid zou b.v. een makkelijke app kunnen maken om dat te bevorderen. Deelnemers kunnen dan b.v. enquêtes invullen over de wijk waarin een lokaal burgerberaad met de gemeente samenwerkt.
  • Data van burgers – zodat universiteiten anonieme queries kunnen doen.

Hiermee kunnen we onszelf continu verbeteren door realistische data vanuit verschillende kanten.

Voorbeelden zijn dierentuinen die onderling informatie, middelen en dieren delen, fokprogramma’s opzetten, voorlichting geven: Nederlands (NVD: Nederlandse Vereniging van Dierentuinen) en Europees (EAZA: Europese dierentuin vereniging). En denk ook aan onderzoek van vliegtuigongelukken waardoor de gehele luchtvaartindustrie zeer betrouwbaar is geworden (in Nederland door Onderzoeksraad voor Veiligheid).