Mensen willen graag in groepen met elkaar leven; we willen erbij horen. Dat zit in de natuur van de mens, en zonder sociaal contact word je ongelukkiger. Dus gaan we van individualisme naar cohesie in de samenleving want:
- Individualisme leidt tot een egocentrische samenleving waarin de calculerende burger goed past. En optimaliseren voor ieder persoonlijk is niet goed voor de samenleving als geheel, omdat dit leidt tot het recht van de sterkste, ongelijkheid, en daarmee niet tot geluk. Noot: het neo-liberalisme en kapitalisme duwen ons wel in deze richting. Grotere ongelijkheid leidt tot onvrede en verlies van vertrouwen in de medeburger.
- Individualisme leidt tot minder massa protesten (die goed zijn vanwege een corrigerende kracht op b.v. de politiek) omdat mensen minder samenwerken, of zelfs tegen elkaar opgezet worden. Zie b.v. de afgenomen invloed en lidmaatschap van vakbonden. Ieder concurreert nu met zijn gelijke (b.v. op de arbeidsmarkt, of het mooiste huis), en je krijgt 1 “winnaar” en veel verliezers.
- Saamhorigheid leidt tot een samenleving waarin we elkaar helpen. Van anderen helpen word je gelukkig.
- Door het verhogen van de cohesie in de samenleving zorgen we dat solidariteit beter behouden blijft. Daardoor is er meer draagvlak voor regelingen in het algemeen belang en groepen die minder voor zichzelf opkomen in het bijzonder.
De overheid kan initiatieven stimuleren die voor meer verbondenheid zorgen, bijvoorbeeld:
- Het organiseren van evenementen en een sterker verenigingsleven helpt saamhorigheid te verbeteren. B.v. een muziekfestival organiseren in een stad ten behoeve van de burgers. Het koppelt de organisatoren, deelnemers en uiteindelijk ook de toehoorders.
- Iedereen kan een aantal uren per week werk hebben: de overheid biedt “Melkert-” banen aan die zinvol zijn, maar ook te doen zijn voor mensen met een handicap of chronische ziekte. Hiermee kun je wat bijverdienen, maar vooral een netwerk van mensen om je heen krijgen.
- Mensen die de gemeenschap vooruit helpen kunnen betaald krijgen in “gemeenschapsuren”. Denk aan een aantal uren per week meehelpen in een verzorgingshuis of iets organiseren voor de wijk. Dat geeft de mensen ook een levensdoel.
- Het stimuleren van kunst, cultuur, concerten, boeken, … . Door gezellig samen zijn, maar ook een kritische noot die je laat nadenken, kunst waardoor we de ander beter begrijpen, of juist ons zelf door reflectie, … Ook de publieke omroepen vallen hieronder en geven een podium hieraan.
- Alle scholen “openbaar” maken, dus met religies door elkaar. Zo leren we van jongs af aan samen te leven en elkaar te begrijpen (en ook de ouders).